Wat ik opruimde en versimpelde in februari

Want terugkerend licht brengt altijd dingen in het zicht die zich daarvoor in het winterduister verborgen hielden. Ik zag ze wel maar toch ook niet. Deze periode is altijd een zalige tijd om dingen van me af te schudden die niet langer nuttig zijn. Kilo’s, spullen, ideeën, (zelf opgelegde) verplichtingen…. Dus dat deed ik in februari. Wat ging er weg? Veel!

  • Kleding, uiteraard. Een van de makkelijkste dingen. De nette winterschoenen van de man die niet echt lekker zaten en ook niet bijzonder warm waren en al twee jaar werkeloos in de kast lagen… ‘Maar ze waren nog goed….’ Een paar jurken met print die ik zo leuk vond maar die ik uiteindelijk toch niet met plezier draag. De eeuwige kleren van de kinderen die niet meer passen…. Eenzame sokken en handschoenen….
  • Dingen die ik echt niet meer ging eten of drinken. Groene thee bijvoorbeeld, getver. Gekocht in een vlaag van gezondheidsfanatisme. Ik vind het idee van thee altijd zo aantrekkelijk. Gezond, een klein ritueel, lekker warm… en uiteindelijk laat ik het altijd koud worden omdat ik het niet lekker vind en het me gewoon niet boeit. Groene thee koop ik vooral voor een van mijn ‘fantasie-zelven’, het theedrinkende kruidenvrouwtje in dit geval. Doe maar gewoon water. Of koffie. En rode wijn, na half vijf.
  • Agenda. Ik kocht eindelijk een papieren planner waarin ik de dingen opschrijf die ons gezin aangaan zoals tandartsafspraken, speciale dingen op school en andere dingen die gedaan moeten worden. Ook alle vakanties en feestdagen staan erin. Zo handig! Zo eenvoudig.
  • De kas. Het was of veel gedoe met platen vervangen of gewoon weggeven en ik deed het laatste. De zelfvoorzienende moestuinier is een ook een van mijn vele ‘fantasie-zelven’ denk ik 😀 Ik ben er gewoon niet heel goed in, ik houd meer wilde bloemen en dat iemand anders dan mijn groenten kweekt 😉
  • De meeste zaden. Ik heb alleen nog wat kruiden en pluksla en dat is genoeg.
  • Heel veel rommel uit de tuin. Wat zich zoal ophoopt in de loop der tijden. Een kapotte trampoline, pallets, stukken hout, een dode kerstboom, verlopen projecten en andere kapotte rommel.
  • Schoonmaakmiddelen opgemaakt, ik houd het bij azijn met water en al dan niet etherische olie en afwasmiddel van Sonnet. Werkt net zo goed, uiteindelijk.
  • Koelkast georganiseerd. Ik was altijd tegen extra bakjes in de koelkast maar op een video op YT (jaja, ik ben zo beïnvloedbaar) van een enthousiaste minimalistische mama was ik om want ik haat een rommelige koelkast. Nu haal ik groenten meteen uit hun verpakking en stop ze in een van de vier bakken in plaats van de groentenlade. Die ruimte gebruik ik nu voor bier.
    Losse sauzen enzo staan bij elkaar in bakjes. En het is echt heel handig, scheelt enorm veel rommel en is veel overzichtelijker.
  • Potloden uitgezocht. De kinderen komen vaak niet verder dan ‘potloden’ op de vraag wat ze graag willen hebben en dus hadden we een miljoenmiljard potloden 🙂 Ik heb de beste eruit gehaald en voor allemaal een set gemaakt, de rest (alles te klein, gebroken, niet fijn) is weg.
  • Kruiden. Die ik nooit (meer) gebruik, zijn naar de kruidenhemel. Korianderblad, getverderrie!
  • Voorraadpotten. Ik had een lade vol met potten met van alles. Veel ervan heb ik opgemaakt, opgebruikt en bij elkaar gegooid. Ik heb nu nog minder dan de helft over, meer ruimte in mijn lades en meer overzicht.
  • Voorraad. Ik gebruik altijd wel wat ik op voorraad heb maar ik doe nu actief moeite om het op te maken. Ik houd van voorraad, maar ook van een beperkte voorraad omdat ik niet zo houd van dingen waar ik eigenlijk nog niet mee zou moeten. Dus nu maken we veel ‘grove vafler’ met het meel dat ik verkeerd bestelde, ik maak ‘brood’ met zaden en pitten en cakes met dadels en noten en zo verdwijnt het bijna als sneeuw voor de zon.
  • Eenvoudiger maaltijden. Ja, het lukt me. Mede dankzij de slowcooker.
  • Vitrinekast. Ik had die ‘over’ nadat ik de gang opnieuw had georganiseerd. Weggegeven.
  • Waar eerst twee vitrinekasten stonden, heb ik nu uitgebreid plaats voor schoenenrekken en kapstokken. Met vier kinderen, hun rugzakken en weer dan heen en weer jojoot tussen hartje winter en volop lente, heb ik die plek gewoon nodig. Het scheelt me veel organiseren in een ruimte die daar eigenlijk te klein voor was.
  • Projecten in de vriezer. Soms is het beter om er afscheid van te nemen 😉
  • Deurmatten die meer rommel verspreidden, dan ze verminderden.
  • Frituurpan. We zullen hem vast wel weer een keer opstarten maar voor nu is ie schoon, leeg en opgeborgen.
  • Mijn e-mail en e-reader opgeschoond, dingen beantwoord, overbodige boeken weggedaan…
  • Echte boeken. Ik had best veel gekocht toen de bieb dicht ging bij de kringloop. Wat er niet (meer) gelezen wordt, is weer daarnaartoe terug gegaan.
  • De bezem gehaald door crèmes en andere smeersels. Soms probeer je iets en doet het gewoon niets. Het is dan best kansloos om het tot in de eeuwigheid te bewaren met het idee dat je misschien wel gaat gebruiken als je je andere, wel fijne spullen, hebt opgebruikt.
  • Ski’s, skischoenen en skistokken. Want ook groeien niet mee. We hadden tweederde van wat we hadden, paste niet meer. Dat ruimde ook mooi op, ook al lag het allemaal in de skibox onzichtbaar te wezen.
  • De auto. Ik houd van een opgeruimde auto (goh) en kan er niet tegen als daar allerlei gereedschap en losse eindjes in meeliften.
  • Zomerdekbed. Dat ligt altijd maar in de weg in de kast en toen las ik de tip om het onder je hoeslaken te leggen. Lekker zacht en bovendien wasbaar, in tegenstelling tot je matras. Ideaal!

En nu ga ik lekker buiten in het zonnetje zitten, doei!