Het einde nadert. (van de vakantie)

Gisteren was het mooi weer en we maakten een tochtje met de boot. De motor houdt het al langer vol dan de vorige en het kleinere bootje heeft een ideaal formaat om snel even mee weg te varen. Heel de dag regende het. Altijd als de man vrij is. Ik vermoed een complot. Iets met geo-engineering 😀

Maar tegen de avond klaarde het op en hoewel de dreigende wolken ons van alle kanten tegemoet kwamen, gingen we toch met het bootje naar Brekkestø voor Het IJsje. Ze hebben daar Norges Største Kule-is (Noorwegens grootste ijsbolletje) en dat is niet gelogen. Ik at mee met een van de kinderen en na een derde deel was ik al een beetje misselijk. Het was wel lekker, want passievruchtensmaak. Nom! Een of tweemaal per zomer doen we dat. We hielden het droog.

Het ‘nieuwe’ bootje is echt leuk. De man kocht het ‘wrak’ voor 150 euro, leerde stoelen bekleden met de naaimachine, schuurde, plamuurde en verfde alsof er geen eind aan moest komen, bekleedde het met platen die hij voorzien heeft van een ‘teak’motiefje en plaatste er een op zijn werk afgekeurde motor in.

We kregen gisteren visite van een Noors / Nederlands gezin met vier kinderen en dat was gezellig. Het ijs tussen de kinderen was vrij snel gebroken en we spraken af om elkaar vaker dan eens in de twee jaar te treffen. Internet heeft grappige wegen om mensen bij elkaar te brengen. Naast behoorlijk minimalistisch en wonend in Noorwegen hebben ze vier kinderen die allemaal nagenoeg even oud zijn als die van ons. Best knap met vier stuks 🙂

Ik vind het altijd grappig dat alle Nederlanders in het buitenland hetzelfde doen als ze in Nederland zijn: naar de bakker, friet met mayonaise eten, hagelslag en drop kopen bij de AH, Chinees eten en naast langs familie en vrienden.

Iets dat we voorlopig even niet gaan doen, maar zo herkenbaar. Nu regeringen echter overal weer gekke maatregelen nemen, heb ik geen zin om straks twee weken in thuisquarantaine te moeten. Of dat de man in (onbetaalde) quarantaine moet. Of dat we als een gek weer terug moeten rijden om dat voor te zijn.

De bezem erdoor!

En zoals altijd als het eind van de vakantie in zicht komt -nog drie weken voordat het weer begint-, begint het enigszins te kriebelen om terug naar normaal te gaan. En dan gaat de bezem er flink door want in bijna zes weken lichte verwaarlozing verzamelt zich toch een indrukwekkende hoeveelheid rommel overal, hoezeer ik ook mijn best doe om het netjes bij te houden.

Ik begon vandaag met wat opruimen, maakte het nodige weer eens goed schoon, declutterde wat… heerlijk. Rust in mijn hoofd.

Ik wil ook niet heel de tijd de boemam uithangen en constant zeuren over troep maar ik word erg gelukkig als alle D. Ducks, knuffelbeesten en tekeningen uit het zicht zijn dus ik ben weer wat strenger met opruimen nu tegen de kinderen. Beter voor mijn geestelijke gesteldheid. Hoewel sommige mensen vinden dat er sowieso geen redden meer aan is 😉

Iets meer routine doet mijn hoofd veel goed, want visuele rommel vind ik erg vervelend. Een tijdje gaat het goed maar dan opeens kan ik er niet meer tegen, vooral als er al veertien uur per dag 4 of 5 mensen om me heen zijn. En ik geniet er dan ook van om alles weer redelijk leeg en strak te hebben.

Weer wat meer structuur in mijn eigen routine vind ik ook fijn. Gewoon weer elke dag een was doen, zo nu en dan flink vooruit koken, niet meer dan eenmaal per week boodschappen doen, mijn schoonmaakroutines weer oppakken in plaats van steeds brandjes blussen… Ik houd van de illusie van controle over mijn leven 😉

Het malle idee van een inkomen voor moeders

Ik ken dames die geregeld roepen dat ze zich niet genoeg gewaardeerd voelen omdat ze niet betaald worden voor het opvoeden van kinderen, het doen van de was, het schoonmaken van het huis, doen van de administratie en inkopen, het eten op tafel zetten, het verschonen van luiers, het aanhoren van dramatische gebeurtenissen uit het leven van zevenjarigen enzovoort.

Het zijn stuk voor stuk geen vrouwen die iets te klagen hebben op financieel gebied. Althans, er komt ogenschijnlijk genoeg binnen.

Ik vind het enorme onzin.

Dat de man en ik in gemeenschap van goederen zouden trouwen, was voor ons nooit iets om over te twijfelen. We hebben ook niets, haha. Dat ik zijn achternaam zou aannemen, vond ik ook niet meer dan normaal.

Omdat we in gemeenschap van goederen zijn getrouwd, is alles van ons. Al het geld dat we binnenbrengen, is van ons.
Het is ons beider verantwoordelijkheid om er het niet over de balk te gooien. Terwijl ik hier mijn moeder- en huisvrouwtaken vervul, werkt hij voor een inkomen.
Net zo goed als dat hij plezier heeft van mijn werk hier (in de vorm van genoeg tijd voor zijn hobby’s en een niet overwerkte of gestreste maar frisse en vrolijke vrouw als hij thuiskomt) heb ik plezier van zijn werk daar in de vorm van inkomen om dingetjes als eten en kleren te kopen voor mijn gezin.

Dat is natuurlijk koren op de molen van de ‘wat als je gaat scheiden’-roepers maar ik eet ook geen biefstuk met het idee om hem later weer uit te kotsen, ik koop geen schoenen om nooit te dragen en ik ga zeker niet trouwen met de liefde van mijn leven met het idee hem later weer te verlaten.

Als je zo al begint aan een relatie, dan is de kans dat je samen oud wordt bij voorbaat al minder. Als ik mijn leven ophang aan het feit dat hij me wel eens zou kunnen verlaten, hoe idioot is dat. Het is vragen om problemen.

Ik denk wel dat we het minder aangenaam zouden hebben als de stress van een extra baan, kinderopvang, zieke kinderen en de daarmee gepaard gaande chronische vermoeidheid erbij zou komen.
Als ik mijn halve leven voor veel geld moest uitbesteden: de opvoeding van mijn kinderen, het schoonmaken van mijn huis, als ik geen tijd zou hebben om koekjes te bakken met ze en bij wijze van aflaat tot dure pretparken en entertainment zou moeten wenden.

Je doet dingen en wij hebben allebei onze eigen taken. Een van mijn taken is het huis schoon houden, een van zijn taken is boten repareren voor geld zodat we dingen kunnen kopen.
In de weekenden is hij ook vaak bezig met dingen die niet direct geld opleveren, maar wel uitsparen: het gras maaien, de auto repareren, een laptop maken, iets in huis verbeteren….

Volgens die malle ‘betaal moeder’ retoriek zou hij hiervoor ook betaald moeten worden. Toch?

Of nee, dat is anders. Dat hoort gewoon bij de dingen die hij nu eenmaal doet. Want hij is een man. Geen verwend prinsesje.

Ik snap de logica echt niet. Dat de overheid naar mijn idee letterlijk crimineel bezig is door het kostwinnersgezin fiscaal zeer zwaar te bestraffen is een ander verhaal.

Het is ook nog eens een enorm egoïstisch standpunt. Want huisvrouw zijn doe ik omdat het zelf belangrijk vind. Daar hoeft geen enkele overheid mij voor te compenseren. Want wie betaalt, bepaalt. De overheid is knettergek gebleken en door op zijn manier extra controle te hebben over het leven van mensen, maak je jezelf alleen maar kwetsbaarder.

Het gaat niet om mij mij mij mij, het gaat om mijn gezin. Mijn kinderen. De volgende generatie, waar ik hopelijk genoeg gezond verstand in krijg gepropt voor ze het zelf moeten doen in het leven.

Ze kunnen beter de kinderopvang niet meer subsidiëren. De mensen die zo graag willen werken kunnen dan werken en betalen een normale prijs en waardering voor de mensen die hun kinderen heel de dag bezig houden.
De inkomstenbelasting kan omlaag, zodat kostwinnersgezinnen iets meer ademruimte hebben. Dan kan dat hele geldrondpompcircus opgeheven en dat scheelt nog meer.

Naar mijn idee moet de overheid gewoon stoppen met het een te bevoordelen en het ander zo onaantrekkelijk mogelijk te maken door middel van belastingen.

Zoals ik al zei, het zijn vaak niet de dames die leven met een bescheiden inkomen. Ook niet de mensen die overduidelijk een genoegen scheppen in huiselijke aangelegenheden.
Maar leven van kleiner inkomen is mogelijk. Het is een kwestie van wat doen (kleding repareren, dingen zelf maken) en laten (vakanties, alles kopen wat ons hartje begeert).

Ik heb gekozen voor dit leven omdat ik bij mijn kinderen wilde zijn en een langzamer, minder stressvol leven wilde voor mijn hele gezin. Niet omdat ik er financieel beter van wilde worden.
Als je je afhankelijkheid van geld afbouwt, hoef je niet te zeuren om geld van de overheid, lees: de belastingbetaler.

Ik ben (doorgaans ;)) trots op hoe ik de dingen doe. Het geeft me voldoening om de boel netjes te houden en te zorgen dat iedereen blij, weldoorvoed en tevreden is. Het idee dat de overheid me daarvoor zou moeten compenseren, is ronduit belachelijk.