Een minimalistische badkamer

Afbeelding van Sascha Westendorp via Pixabay

De badkamer is zo’n nare plek om schoon te maken. En ik houd ervan als ie weer schoon is, voor zo lang het duurt maar het is op zijn zachtst gezegd niet mijn favoriete karwei. Toch: ik ben blij dat ik een badkamer heb om schoon te maken en verder maken we het zo makkelijk mogelijk.

Al je een grote badkamer hebt, is er ook de neiging om er dingen in te bewaren. Maar de badkamer wordt stoffig, vettig en vochtig en dat is de minst fijne conditie om spullen onder te bewaren. Of het nu gaat om parfum, medicijnen of make-up: een verblijf in de badkamer verkort de levensduur aanzienlijk.

Een minimalistische badkamer?

Haal alles eruit wat niet vast zit. Alles.

Maak de badkamer schoon. Schrob met een velgenborstel achter kranen en douchewanden, hang een fris douchegordijn op, maak randjes schoon met een oude tandenborstel, schrob het toilet, maak het spiegelkastje blinkend, neem de tegels af, spuit azijn op het plafond, schrob schimmel weg en maak de boel daarna netjes droog.

Leg alleen terug wat je gebruikt en wat je in de badkamer moet gebruiken.

Heb je echt zes handdoeken per persoon nodig? Is het niet erg onhandig om drie tubes tandpasta heen te moeten manoeuvreren? Nee en ja.

Houd erin wat je meeneemt als je op een camping gaat douchen. Ja, gruwel maar daar neem je ook geen zes flesjes parfum, drie pakken wattenschijfjes, acht proefmonsters en veertien handdoeken mee. Laat niet alles in je badkamer liggen omdat je het daar eventueel nodig hebt.

Simplify, simplify, simplify

Een soort shampoo die je ook kan gebruiken als scheerzeep en douchegel klinkt extreem maar het is allemaal hetzelfde spul, dus waarom zou je drie flessen neerzetten?

Kleine hammamdoeken zijn groot genoeg om je mee af te drogen, zeker als je je haar niet hebt gewassen. Ze zijn supersnel droog, multifunctioneel en klein op te vouwen.

Gooi cremes en andere cosmetica die je niet gebruikt of al te lang open hebt staan, weg. Als het zo fijn was, gebruikte je het wel minstens wekelijks.

Scrubben kan je met suiker of koffiedik. Je gezicht met fijne bakingsoda. Smeren met kokos- of avocado-olie, waarmee je ook hardnekkige make up kan verwijderen.

In plaats van gezichtsmaskers te kopen, kan je een zak groene klei-poeder aanschaffen, de basis van de meeste kant en klare maskers. Door yoghurt, avocado, appelazijn of eiwit erdoor te mengen maak je zero waste maskers voor elk huidtype.

Er is geen reden dat niet iedereen niet dezelfde tandpasta of shampoo zou gebruiken. Natuurlijk wil een puber misschien zijn of haar eigen spullen en wil je man niet naar rozen & gember ruiken. Gelukkig zijn er tal van neutrale opties, zoals bijvoorbeeld van het merk Sante of Urtekram.

Houd het bij een exemplaar. Gebruik het op, voor je nieuw toevoegt.

Als je iets nieuws koopt, is het altijd verleidelijk het meteen te gebruiken. En zo komen badranden en douchecellen vol te staan met flessen waar zich een naar, roze snot achter ophoopt. Gruwel! Als je het houdt bij een soort shampoo en eventueel conditioner kan je de flessen na gebruik afdrogen en in een kastje zetten. Zo blijft alles heerlijk zen en leeg.

Ook hier geldt: bewaar geen dingen voor ooit… Bekijk of je het nodig hebt. Wat moet je met 50 haarelastiekjes? Koop een of twee mooie spelden. Proefmonsters? Weg ermee, als je ze niet -nu- gaat gebruiken. Gratis hotelzeepjes? Joh 😉 Daar haarproduct dat toch niet was wat je hoopte: kan weg. Verlopen producten ook. En check de ingrediënten eens op de EWG Skindeep Database. Gif op je huid smeren is bijna net zo schadelijk als het opeten. Wees beducht op parfum en parabenen.

Je ‘stel dat’ rommel.

Afbeelding van Jonathan Sautter via Pixabay

We hebben net toch best wel een ‘stel dat’ scenario achter de rug hè?

Stel dat er een potentieel dodelijk virus door de wereld waart waardoor we amper boodschappen kunnen doen, wat dan?

En laten we eerlijk zijn, het virus was niet zo dodelijk maar het scenario is nog niet voorbij en kreeg recentelijk een nogal bijzondere wending.

Ik zal niet zeggen dat het geen goed idee is om voorbereid te zijn. Op wat het dan ook is dat het leven ons doet toekomen de komende tijd.
Maar dan denk ik hierbij aan een voorraad eten, een waterfilter, simpele mobiele telefoon, boeken, opgeladen batterijen, dekens, een manier om te koken zonder ‘grid’. Misschien is het nooit nodig-nodig. Maar dan beter mee verlegen dan om verlegen.

Ik heb het over de 25 borden in de keukenkastjes voor een gezin van vier.
De drie versleten dekbedhoezen in je linnenkast. (tip: investeer in een zware kwaliteit linnen)
De back up kurkentrekker. Ik snap hem maar in geval van nood zijn er andere manieren om een fles te openen. Als de nood maar hoog genoeg is 😉
De kabeltjes en snoertjes die al jaren niet meer aan enig apparaat toebehoren.
De reservestofzuiger + zakken in de kelder.
De kleding achterin je kast die knelt, opkruipt, je doet lijken op een vaatdoek…

De kans dat je die dingen met plezier gaat gebruiken, is nihil. Je bewaart die dingen uit angst voor dat er ooit niet meer genoeg is van iets maar als dat zo zou zijn, dan dragen foute kleding of haperende stofzuigers alleen maar bij aan de misère.

Als je beseft dat je prima kan leven met een garderobe met vijftien kledingstukken, je de vloer ook schoon krijgt met een dweil en je al je maaltijden kan eten uit een simpele kom, weet je dat je niets te verliezen hebt als je al die ‘stel dat’ spullen simpelweg de deur wijst.

Of je het nu bewaart uit angst voor de toekomst, uit zuinigheid, omdat je geen beslissing durft te nemen of omdat je denkt dat het ooit nog van pas komt: probeer je eens een concrete situatie voor te stellen waarin deze dingen handig zijn en vraag je af hoe waarschijnlijk dat is. Of er geen andere manier is.

Je 25 borden bijvoorbeeld. Mocht je ooit een enorm feest geven en ze nodig hebben, kan je prima wat borden van een van de gasten lenen.
Je te kleine kleding. Als je denkt dat je er weer in gaat passen, begin daar van vandaag naar toe te werken. Doe je dat niet, laat die kledingstukken je dan niet elke keer dat je je kast opent vertellen dat je er te dik voor bent. Doneer ze en koop goede spullen voor het lichaam dat je hebt. Op dit moment.
Je kapotte spullen. Als je ze nu niet repareert, ga je dat ook niet meer doen. Misschien is het niet eens te repareren. Maar ze worden ook niet op magische wijze weer heel als je ze achterin een kast stopt.

Dit zijn dingen die voor veel mensen lastig zijn om weg te doen. Vaak zijn ze nog best oké en niet zelden ongebruikt. Je hebt er geld voor betaald en nu ligt het daar maar. Maar de kans is enorm dat het er, als je er niets aan doet, over tien jaar nog ligt. En al die tijd heeft het je op een of andere manier in de weg gelegen.

Het in je kast laten liggen, is zonde. Er zijn andere mensen die het wellicht wel kunnen gebruiken. Het is een enorme opluchting om juist al die dingen waarover het lastig beslissen is, gewoon weg te doen. In het ‘ergste’ geval moet je iets opnieuw kopen en kost het je een paar tientjes want het zijn zelden waardevolle dingen. Dat weegt niet op tegen het bewaren van een grote berg ‘wat als’.

Want dat is het vaak: als je het ooit een keer nodig hebt, is er altijd een andere optie. Je kan iets anders gebruiken, je kan het lenen, tweedehands kopen of in het ‘ergste’ geval: nieuw kopen. Als je het echt nodig had, gebruikte je het al wel minstens wekelijks. Of jaarlijks, in geval van zeer seizoensgebonden spullen.

Als je al die twijfelgevallen uit je leven verwijdert, zie je de dingen helderder. Er is meer ruimte voor die dingen die je graag wil doen of veranderen. Want al die dingen, die hebben een boodschap voor je:

  • Je hebt geld verspild
  • Waarop gebruik ik dat niet?
  • Eigenlijk zou ik vaker moeten hardlopen….
  • Wat jammer dat we niet meer op skivakantie kunnen
  • Ik zou dit eigenlijk eens moeten opruimen…
  • Ik kan niet wachten tot mijn kinderen groot genoeg zijn en ik al dat plastic de deur uit kan doen
  • Waarom lust ik geen havermout en waarom heb ik er zes pakken van gehamsterd?

Als je allen om je heen hebt wat je echt nodig hebt, kan je je focussen op de belangrijke dingen. Maar omdat we dagelijks zo veel dingen om ons heen hebben die communiceren -wat nutteloze spullen dus ook doen-, hebben we minder ‘besluitvaardigheid’ over voor de dingen die er toe doen.

Onze rommel maakt ons apathisch.

Dus hop, pak een grote kartonnen doos en een vuilniszak en weg met de meuk 🙂

Kalmerend opruimen.

Er is niets dat zo goed helpt om tot rust te komen als opruimen en vooral declutteren: die dingen wegdoen die geen functie meer hebben in mijn leven. Het maakt niet uit wat er is dat me dwars zit; een rondje door het huis en alle kledingkasten, bureauladen en kastjes ontdoen van wat er zonder enige functie ruimte staat in te nemen ontspant.

Want dan besef ik wederom: het leven is goed zoals het is. Het is misschien een chaos met virussen, demonstraties en vast nog wel de nodige oorlogen hier en daar maar hier is alles onder controle 😉

Ik zie mensen zo moeilijk doen om geld, om spullen, om nog meer en nog meer ervan te verkrijgen. En dan beginnen ze zelfs tegen mij te vertellen wat ik zou moten doen om meer geld te vergaren. En waarom? Om nog meer geld te hebben voor nog meer spullen. Om als een debiel in het winkelcentrum te gaan lopen. Een vicieuze cirkel.

Als ik opruim, worden mijn gedachten minder chaotisch. Ik voel me zorgeloos als ik alleen om me heen heb wat ik nodig heb.

Als ik opruim, weet ik dat ik genoeg heb en dat ik helemaal niet naar een winkel hoef om iets te kopen dat me nog ontbreekt. Er ontbreekt namelijk niets.

En ik weet: ik hoef me niet te vergelijken met anderen. Niet met de mensen om me heen, niet met de mensen van instagram waar de meest populaire mensen niets anders doen dan een leven portretteren dat ze het liefste zouden willen leven en doen alsof ze zo zijn wakker geworden.

Dus als de zomer even te veel zomer is, werkt er niets zo heilzaam als een rondje door het huis met een vuilniszak en een mand. Op een of andere manier verdwijnen ook mijn overbodige gedachten daarmee.