De stille to-do lijst

Foto door Alex op Pexels.com

Al vaker schreef ik over het gevoel (of het feit) dat alle spullen waarmee we ons omringen, ons iets vertellen. Het zijn vaak geen bewuste gedachten maar meer van dat achtergrondgebabbel van ons onderbewuste. En juist dat is heel vermoeiend. De een heeft hier meer last van dan de ander. Genoeg mensen die zich met een huis vol met van alles, vol overgave richten op Belangrijker Zaken maar: we zijn niet allemaal hetzelfde en voor velen van ons is een huis met pratende spullen een bron van immer aanwezige, lichte stress.

Een huis vol met rommel, vertelt je vooral dingen die je niet wil horen.

De te kleine broeken achter in je kast of die dat dure colbert dat je eigenlijk zou moeten dragen (want onmisbaar basisstuk volgens dat tijdschrift) vertelt je dat je te veel kilo’s meedraagt en dat je geld hebt verspild in een impuls.
De verzorgingsproducten in je badkamerkastje vertellen je dat je ze eigenlijk op zou moeten gebruiken, ook al vind je ze niet heel fijn of nuttig. Maar ja, om het nu zomaar weg te gooien….
De rijen met boeken die wel leuk leken maar die je na vijf jaar nog niet hebt aangeraakt…. vertellen je dat je minder zou moeten scrollen en meer zou moeten lezen.
De broodbakmachine in je keukenkastje of in de schuur vertelt je dat je zelf brood zou moeten bakken maar zo lekker waren die vierkante deegklonten met plasticsmaak toch eigenlijk ook weer niet….
De handdoeken in je badkamer vertellen dat je regelmatig twintig gasten over de vloer hebt.
De stapel post met Belangrijke Brieven vertelt je dat je eigenlijk de administratie zou moeten doen maar…..

En dat is vervelend. En het enige dat ik eraan kon doen, was het elimineren van zo veel mogelijk spullen en alleen behouden dat me blij maakt, of nuttig is en in veel gevallen, allebei. Toen ik eenmaal doorhad dat de oplossing niet was om spullen te organiseren maar simpelweg te elimineren, viel er een last van mijn schouders die ik daarvoor niet als zodanig had ervaren maar die desalniettemin zeer aanwezig was geweest.

Natuurlijk passen je hersens zich aan, wat ik vroeger prima tolereerde en wegmoffelde, geeft nu een bepaalde onrust. Maar dat is prima, het maakt het maken van beslissingen een stuk eenvoudiger.

Ik omring me liever met weinig, maar mooie spullen. Dingen die ik mooi vind. Of het nu een steen is die ik ergens vond, mijn Paperblanks notitieboek (een luxe die ik mezelf gun), een simpele brandende kaars of wierookstokje, mij koffiemok met hertjes of simpel maar handgemaakt linnen beddengoed…. Deze spullen vertellen me positieve verhalen. Ik houd van het licht van een kaars, van een mooie plant, van briljante plannen schrijven met een fijne vulpen…. en verder heb ik niet zo veel nodig.

Er is weinig dat de kwaliteit van het leven van alledag zo omhoog haalt als het wegdoen van alle spullen die daar niet in thuishoren.

En het mooie is dat hierdoor juist ruimte vrijkomt voor dingen die normaal niet lukten.

Maaltijden plannen als je onderbewust al bedolven wordt door allerlei ‘to-do’s’ in je huis….
’s Avonds schrijven of tekenen of iets anders creatiefs doen als er nog drie volle wasmanden naar je schreeuwen….
Bewustere keuzes maken in de winkel als je onder grote tijdsdruk staat door alles wat je aandacht nog nodig heeft….

Nee. Dat is allemaal maar een extra stok om jezelf mee te slaan als de basis niet op orde is. Althans, ik vind het bijna onmogelijk om zulke dingen te doen als het leven om me heen een chaos is.

En het is niet heel ingewikkeld om hiermee te beginnen. Loopt je leven van alledag over, probeer dan eens het volgende.
Ruim een kast of ruimte uit.
Vind een paar stevige dozen en een markeerstift.
Definieer de echte probleemgebieden (kast vol kleren en niets om te dragen? badkamer ranzig omdat ie zo vol meuk staat? kinderspeelgoedsoep op de vloer, elke. dag. weer? slaapkamer een dumpplek van dingen die elders geen plek hebben?)
Wees rigoureus en stop ALLES dat je niet draagt, gebruikt of absoluut nodig hebt, dat je stoort, dat je irriteert, dat je schuldgevoelens geeft, in de doos.
Schrijf op de doos wat erin zit en zet hem uit het zicht.
Geniet van de lege ruimte.

Later kan je bekijken wat je met de spullen wil doen. Als je meer rust in je hoofd hebt. Als er tijd voor is. Als je hersens zich aan de nieuwe situatie hebben aangepast en klaar zijn om duidelijke beslissingen te nemen.
Maar voor nu, zijn de stoorzenders uit het zicht en kan je voelen hoe het leven voelt, zonder de druk van deze spullen.

We hebben allemaal al genoeg aan ons hoofd. Een kalme omgeving is weldadig. Je huis zou je veilige plek moeten zijn, een plek van kalmte, rust en plezier. Niet van ergernis en frustratie. Elke stap die je neemt in de goede richting, is er een.

Hoe je de rommel ook echt weg krijgt.

Ken je dat, dat je spullen alleen maar verplaatst? Naar een plek waar het hopelijk minder in de weg ligt? Om dan later geen idee te hebben wat het ook weer was, alles uit te pakken en te denken: oh, dit is ook leuk, ik wist niet dat ik dat nog had, oh waarom heb ik dat bewaard? En dan zit je met alle spullen om je heen en besluit je de chaos maar weer terug te stoppen waar het vandaan komt, voorzien van een label met ‘diverse’ of ‘allerlei’. Leuk voor over vijf jaar als je weer een poging doet.

Nu ben ik zelf vrij rigoureus maar haalde soms ook wel eens iets uit een doos voor de kringloop omdat ik dacht het nog nodig te hebben. En altijd leg ik het vervolgens toch weer terug voor de kringloop. Weg is weg.

Hoe zorg je ervoor dat je niet eindeloos met spullen blijft rondsjouwen?

Heb een idee van wat je wil

Wil je de overbodige spullen, of een opgeruimd huis en een kalme geest? En als je wat ouder bent, wil je dat je nabestaanden zich druk moeten maken om al je oude rommel of ga je liever in stijl, met alleen een spaarsaldo, eigen huis, een koffer kleren en een doosje met persoonlijke schatten als erfenis?

Het is net zoals met eten: wil je de koekjes of het gezonde en slanke lichaam?

Zie voor je waar je naartoe werkt. Is er in dat ideaal ruimte voor dozen vol oude boeken, textiel dat ooit van je oma was, babykleertjes om een half weeshuis te voorzien en gênante, pijnlijke oude dagboeken?

Wees rigoureus

Waarom zou je spullen houden waar je over twijfelt?
Zou je het weer kopen of in je leven accepteren als je nu voor de keuze werd gesteld?
Past dit in het leven zoals je dat voor je ziet?
Het zijn maar dingen. Die alleen iets betekenen, omdat jij dat in je hoofd hebt.

Als je iets liever niet meer wil maar er is iets dat je tegenhoudt, maak dan een outbox. Bijvoorbeeld voor ongebruikt kinderspeelgoed, waar ze misschien nog wel naar vragen. Kledingstukken die je net niet past maar met de kilo’s die je af wil vallen, misschien over een paar maanden wel. Voorwerpen die je niet meer blij maken maar waarvan het lastig is ze weg te doen. Leg ze in de outbox met een datum erop en kijk hoe het voelt als die dingen ‘weg’ zijn. Niet echt weg dus, maar tijdelijk uit je leven. Opgelucht? Vast. Mis je het? Dan kan het blijven.

Houd niets voor anderen

Bewaar geen spullen omdat andere mensen dat van je verwachten. Als je iets hebt gekregen van iemand, is het van jou om ermee te doen wat je wil.

Mijn moeder had wel eens de neiging om te vragen of ik iets nog had, dat mijn oma bijvoorbeeld aan me had gegeven. Meestal ben ik dan maar gewoon eerlijk. Als er iemand niet moeilijk deed over zulke dingen, was het mijn oma. Ik heb weinig van mijn opa’s en oma’s. Ik vind het gewoon niet aangenaam om iemand op die manier ‘om me heen te hebben’.

Mijn broertje is precies andersom en zijn huis lijkt steeds meer op dat van mijn opa. Ook prima. Doe wat bij je past, doe het niet omdat een ander het verwacht. Weggooien, bewaren… wat dan ook.

Het helpt om je wensen duidelijk kenbaar te maken. Geef mensen geen carte blanche met verjaardagen maar vraag dingen die je op kan maken en vertel ze dat je streeft naar een leven met minder spullen, niet meer.

Handel het meteen af.

Kleding gesorteerd? Een doos met spulletjes verzameld? Gooi het achterin de auto om af te geven en rijd de volgende keer even om om dat ook daadwerkelijk te doen. Zet het niet in de schuur waar kinderen er weer in gaan lopen schatzoeken, of waar je zelf weer in de verleiding komt om dingen terug te halen.

Heb duidelijke regels voor spullen.

Als ik iets niet gebruik, gaat het weg want blijkbaar kan ik prima zonder leven. Kleding geef ik doorgaans een maand of drie en als ik het niet meer draag of uittrek na een paar uur dragen wegens ‘meh’ dan gaat het weg. Kleding van de kinderen die te klein is, gaat direct in de zak voor de kledingcontainer als het niet de moeite van het bewaren is.

Vind ik iets mooiers dan wat ik heb, dan vervang ik het en dan gaat het oude weg. Vind ik het zonde om het oude weg te doen, dan heb ik blijkbaar niets nieuws nodig. Dit geldt vooral voor gebruiksvoorwerpen die op eigen houtje lijken te vermenigvuldigen. Dekens, bedtextiel, drinkbekers…

Organiseer dezelfde dingen bij elkaar.

Een fleecedeken kan je gebruiken in de winter voor extra warmte, als je gaat kamperen, als het buiten koud wordt, voor een ziek kind op de bank, in de auto tijdens een lange reis…. Je hebt er hier echter maar EEN deken voor nodig en niet eentje in de woonkamer, een in de kamer van je kind, een in de auto en een bij de kampeerspullen.

Dat geldt voor alles. Opschrijfboeken, pennen, cd’s, kleding, tuingereedschap, glazen… Houd alles wat je hebt, bij elkaar. Zo zie je hoeveel je daadwerkelijk ergens van hebt en waar je teveel hebt. Waarom zou je bijvoorbeeld onhandige wijnglazen in een doos in de schuur bewaren, of extra dekens of gelezen boekjes terwijl er zo veel ander moois te lezen is?

Beperk de ruimte

Een nieuwe kast, handig bakje of ander opbergding is zo gekocht. Maar heb je een ding aan je deur nodig om 20 paar schoenen in op te kunnen bergen of zijn vijf paar schoenen alles wat je nodig hebt?

Ik heb twee pakjes kerstballen en een doosje met decoratie voor de kinderen. Als het niet meer in de doos past, moet er iets anders weg.
We hebben in dit huis geen garage en een beperkte opslagplek voor gereedschappen en dergelijke maar dat werkt eigenlijk prima.
De kleding van mijn twee jongsten ligt in een kastje met zes manden en dat is ruimte genoeg. Er kan niets meer bij en er hoeft ook niets meer bij. Of het nu gaat om textiel, cd’s, collecties: geef het een bepaalde ruimte en houd het daarbij.

Wees kieskeurig.

Komt je moeder met een doos vol herinneringen, vraag je dan af of je wel wil weten wat erin zit. Je hebt het nooit gemist, dus waarom zou je allerlei moeilijke beslissingen op je hals halen voor dingen waar je vijf minuten geleden niet wist dat ze bestonden?

En soms komt er wel opeens iets leuks. Een oud kopje van vroegah, dat veel leuker voor je kind is dan het lelijke plastic waar hij of zij nu uit drinkt. Ruil het dan om. Houd alleen dingen die echt een meerwaarde bieden.

Ik heb mijn moeder gevraagd om alles van mij weg te doen want eerlijk, ik heb niets met al die oude dingen. ‘Misschien leuk voor de oudste’ zei mijn moeder over de paardenboeken. Ja, misschien. Maar die boekjes liggen hier manshoog opgestapeld bij de kringloop dus waarom zou ik me tien jaar druk maken om een meter boeken die toch niet gelezen worden? Vervolgens heeft geen van mijn kinderen ooit een paardenboek gelezen.

Ooit is nooit

Bewaar het niet voor ‘ooit’, als in: je weet nooit wanneer je het nog eens nodig hebt. Ooit is nooit.

Ik weet dat over drie jaar, mijn tweede dochter in de winterjassen en skibroeken van de oudste past. Die bewaar ik, want duur en nog perfect. Dat is een concreet tijdstip. De skispullen terwijl je geen idee hebt wanneer je weer gaat skiën of de babydekens terwijl je enige kind 40 is en nul interesse heeft in kinderen: ooit. Dus nooit.

Onthoud dat je altijd dingen kan huren, als je ze nodig hebt. Scheelt je ook nog eens het gedoe van eigenaarschap.

Hoe minder spullen je nodig hebt, des te meer vrij ben je.

Minder nodig hebben is net zoals altijd meer nodig hebben, een vicieuze cirkel. Eenmaal gewend aan leven met minder, blijkt veel van wat we ooit voor noodzakelijk hielden, overbodig.

Het is niet de bedoeling om nooit meer iets te willen of nooit meer iets leuk te vinden. In tegendeel, hoe minder je hebt, des te belangrijker zijn de dingen voor je. Je lievelingsmok voor je koffie, je enige en favoriete koekenpan, je notitieboek waarin je zorgvuldig de goede dingen om te herinneren opschrijft, je met jaren van gebruik heerlijk zacht geworden linnen lakens, de lichtelijk sleetse maar daarvoor extra mooie wollen deken…. Gun dat jezelf.

Het leven na ontrommelen.

Foto door bongkarn thanyakij op Pexels.com

De afgelopen weken heb ik nogal enthousiast gedeclutterd. Zo heerlijk om alles weer leeg en georganiseerd te hebben. Donderdag deed ik het laatste loodje, dat erg zwaar was. Letterlijk: de bijkeuken, waar de gereedschappen en aanverwante artikelen van de man huizen. Ik verhuisde spullen, sorteerde, deed dingen weg, zocht heel veel uit en toen was ik aangenaam moe.

We hebben twee grote kasten in de gang waar de modelbouwvoorraad van een webwinkel die de man ooit had, huisde. Die heb ik verhuisd naar een loos hoekje boven nu hebben het gereedschap en alle autodelen heerlijk de ruimte, alles bij elkaar. Een hele verbetering!

Ah, rust en kalmte, zelfs in de bijkeuken (we hebben tot groot verdriet van de man geen garage, wat er voor zorgt dat spullen zich niet op eigen beweging voort kunnen planten. Althans, niet in hetzelfde tempo als wanneer ze zonder toezicht in een garage liggen)

Maar wat nu!

Fijne dingen. Dat is het idee uiteindelijk, dat je een boel dingen wegdoet om plaats te maken voor andere, betere dingen. Niet dat die spullen me nu zo veel tijd en gedoe kostten maar weten dat het er ligt, is al genoeg he 😉 Soms moet de bezem er door.

Ik voel me beter in een rommelvrij huis en naast het gewone onderhoud van kledingkasten ontdoen van meuk en badkamerkastjes kuisen is eens in de zoveel tijd (jaren?) Groot Onderhoud nodig, willen we niet dichtslibben met ons zessen.

Ik heb nu weer tijd voor fijne dingen. Ik ga weer fijn foto’s maken in mijn favoriete seizoen. De bomen kleuren zo mooi nu met het mooie weer. Vannacht hadden we de eerste nachtvorst maar overdag was het warmer dan in juli. Heerlijk! (en raar maar ik kan het toch niet veranderen dus geniet ik er maar van)

Ik ga mijn penvriendinnen weer spammen met brieven. Een poging doen om vijftig kilo volkorenmeel op te maken. (Argh, ik dacht dat ik bloem besteld had…) Wandelen…. Dingen maken met de dertien kilo aroniabessen in de vriezer. Nieuwe recepten proberen nadat ik me de afgelopen weken nogal makkelijk met vertrouwde favorieten van het avondeten had afgemaakt….

Als je niet oppast, is minimalisme gewoon het volgende ding dat je verkocht wordt door influencers. Zorg dat je de juiste vetplantjes, organic basics-ondergoed, verantwoord servies en bedlinnen hebt en alles komt goed 😉 Behalve dat het daar niet om gaat. Althans, niet als doel. Want minimalisme is geen doel maar een tool, bla!

Het gaat er niet om wat je niet hebt en wat je wel hebt maar wat je doet met die paar momenten op aarde die je gegeven zijn.

Na een periode van ontrommelen, volgt altijd een periode van rust en leven met zo min mogelijk is een ideaal waar ik langzaam naartoe werk, zonder er echt nog actief iets aan te doen. Het is een gewoonte voor mezelf: als ik iets tegenkom dat geen nut meer heeft, gaat het weg. Zo simpel is het.

Zo min mogelijk bezitten is logisch. Waarom zou ik me druk maken om dingen die niets toevoegen aan mijn leven? Een camera, een vulpen en papier en verder kan het meeste me gestolen worden. Wat niet kan, omdat ik het niet heb. Hmmm…. Het voelt goed om vrij te zijn.

Zo’n opruimperiode maakt me weer heel erg onomwonden duidelijk hoe bewust we moeten zijn met de spullen die we in ons leven toelaten. Iets is makkelijk gekocht of geaccepteerd maar vaak is er weer vanaf komen, een ander verhaal. Het beslissingsproces, het verkopen of wegdoen, het tijdelijk in de weg staan, anderen die vinden dat iets wel moet blijven…

Het is fijn als spullen geen rol meer spelen in je leven, anders dan functioneel. Niet alleen door ze niet meer te vergaren maar door om je niet meer druk te maken over hoe er vanaf te komen.

Dat wordt een boel Noorwegenfotospam op dit blog binnenkort 😉

Minimale keukenspullen.

We krijgen een nieuwe keuken en dat is geweldig. De keuken die we nu hebben, valt van ellende uit elkaar na dik dertig jaar. De nieuwe keuken krijgt lades, en dat is zo veel beter dan de kastjes die we nu hebben waarin altijd alles achteraan staat!

Maar eerst nog even in de rommel van een verbouwing en 600 kartonnen dozen en 4000 kleine zakjes met schroeven 🙂 En oh, wat ben ik dan blij dat we weinig spullen in de keuken hebben!

We hebben een paar licht overbodige dingen; een wafelijzer dat ook dienst doet als tosti-ijzer en broodrooster en een frituurpan. En natuurlijk zouden we strikt gezien ook geen waterkoker nodig hebben als we een pannetje hebben maar alles in de keuken heeft zijn functie en wordt bijna dagelijks of vaker gebruikt.

Mijn redelijk minimalistische keukenuitrusting:

  • 2 borden, oftast van ikea
  • 12 bakjes (oftast)
  • 4 schalen (oftast)
  • 4 koffiekoppen, ikea
  • 6 grote glazen voor warme of koude drankjes, pokal van ikea
  • 4 kleine glaasjes voor warme of koude drankjes, pokal
  • 1 bierpul, etsy
  • kleine handige dingen: rasp, digitale weegschaal, pyrex maatbeker, cups maatbakjes, trechter
  • 2 koekepannen in gietijzer, Jøtul en OBH Nordica
  • 2 kleine steelpannetjes, ikea en kringloop
  • 2 grotere pannen voor soep en rijst, kringloop
  • staafmixer met accessoires, bosch
  • twee ijzeren spatels, kringloop
  • tang, cuisipro
  • stuk bezemsteel als deegroller
  • flessenlikker, clas ohlson
  • garde, cuisipro
  • garde voor opschuimen van melk, kringloop
  • spirelli voor groenten’spaghetti’
  • roerstok voor bier
  • flessenborstel
  • drie onderzetters
  • herdersmes groot, schilmesje.nl
  • herdersmes klein
  • dunschiller ikea
  • teaspoons maatlepeltjes
  • zeef, kringloop
  • bestek, ikea
  • opscheplepel
  • knoflookpers, ikea
  • rvs spiezen voor bbq
  • blikopener
  • waterfilter, davi
  • waterkoker
  • koffiezetapparaat, moccamaster
  • wafelijzer, kringloop
  • frituurpan, fritel
  • snijplank bamboe
  • schaar, rvs
  • glazen ‘tupperware’, ikea

En dat is alles wat ik nodig heb. Ik zou me uiteraard kunnen redden met minder maar alles heeft zijn functie. De frituurpan mag weg van mij (ik houd niet van het schoonmaken ervan) maar niet van de man die onlangs zijn recept voor frikandellen heeft geperfectioneerd en ik moet zeggen dat ze verrassend veel beter smaken dan die van Mora.

De complete keukenuitzet kan ik in twee kratten kwijt en dat is ideaal. Ik heb maar een schaar en twee spatels maar aangezien dat het maximum is dat ik tegelijkertijd kan gebruiken is dat genoeg.

En zo is dat met alles. Veel dingen zijn multifunctioneel. In de zeef kan ik groenten stomen, in het wafelijzer roosteren we brood, mijn glazen bewaarbakjes zijn tevens ovenschaal of serveerschaal, de ijzeren pannen kunnen in de oven worden gebruikt om bijvoorbeeld een turks brood te bakken enzvoort.

Ik maak bijna alles zelf en kan ook met weinig middelen eigenlijk alles maken. Ik bak brood in mijn pannen, maak foe jong hai, perfecte worteltaart en boterkoek, pizza, bier en nog veel meer. Je hebt niet veel spullen nodig en altijd minder dan je denkt.

Een minimalistische badkamer

Afbeelding van Sascha Westendorp via Pixabay

De badkamer is zo’n nare plek om schoon te maken. En ik houd ervan als ie weer schoon is, voor zo lang het duurt maar het is op zijn zachtst gezegd niet mijn favoriete karwei. Toch: ik ben blij dat ik een badkamer heb om schoon te maken en verder maken we het zo makkelijk mogelijk.

Al je een grote badkamer hebt, is er ook de neiging om er dingen in te bewaren. Maar de badkamer wordt stoffig, vettig en vochtig en dat is de minst fijne conditie om spullen onder te bewaren. Of het nu gaat om parfum, medicijnen of make-up: een verblijf in de badkamer verkort de levensduur aanzienlijk.

Een minimalistische badkamer?

Haal alles eruit wat niet vast zit. Alles.

Maak de badkamer schoon. Schrob met een velgenborstel achter kranen en douchewanden, hang een fris douchegordijn op, maak randjes schoon met een oude tandenborstel, schrob het toilet, maak het spiegelkastje blinkend, neem de tegels af, spuit azijn op het plafond, schrob schimmel weg en maak de boel daarna netjes droog.

Leg alleen terug wat je gebruikt en wat je in de badkamer moet gebruiken.

Heb je echt zes handdoeken per persoon nodig? Is het niet erg onhandig om drie tubes tandpasta heen te moeten manoeuvreren? Nee en ja.

Houd erin wat je meeneemt als je op een camping gaat douchen. Ja, gruwel maar daar neem je ook geen zes flesjes parfum, drie pakken wattenschijfjes, acht proefmonsters en veertien handdoeken mee. Laat niet alles in je badkamer liggen omdat je het daar eventueel nodig hebt.

Simplify, simplify, simplify

Een soort shampoo die je ook kan gebruiken als scheerzeep en douchegel klinkt extreem maar het is allemaal hetzelfde spul, dus waarom zou je drie flessen neerzetten?

Kleine hammamdoeken zijn groot genoeg om je mee af te drogen, zeker als je je haar niet hebt gewassen. Ze zijn supersnel droog, multifunctioneel en klein op te vouwen.

Gooi cremes en andere cosmetica die je niet gebruikt of al te lang open hebt staan, weg. Als het zo fijn was, gebruikte je het wel minstens wekelijks.

Scrubben kan je met suiker of koffiedik. Je gezicht met fijne bakingsoda. Smeren met kokos- of avocado-olie, waarmee je ook hardnekkige make up kan verwijderen.

In plaats van gezichtsmaskers te kopen, kan je een zak groene klei-poeder aanschaffen, de basis van de meeste kant en klare maskers. Door yoghurt, avocado, appelazijn of eiwit erdoor te mengen maak je zero waste maskers voor elk huidtype.

Er is geen reden dat niet iedereen niet dezelfde tandpasta of shampoo zou gebruiken. Natuurlijk wil een puber misschien zijn of haar eigen spullen en wil je man niet naar rozen & gember ruiken. Gelukkig zijn er tal van neutrale opties, zoals bijvoorbeeld van het merk Sante of Urtekram.

Houd het bij een exemplaar. Gebruik het op, voor je nieuw toevoegt.

Als je iets nieuws koopt, is het altijd verleidelijk het meteen te gebruiken. En zo komen badranden en douchecellen vol te staan met flessen waar zich een naar, roze snot achter ophoopt. Gruwel! Als je het houdt bij een soort shampoo en eventueel conditioner kan je de flessen na gebruik afdrogen en in een kastje zetten. Zo blijft alles heerlijk zen en leeg.

Ook hier geldt: bewaar geen dingen voor ooit… Bekijk of je het nodig hebt. Wat moet je met 50 haarelastiekjes? Koop een of twee mooie spelden. Proefmonsters? Weg ermee, als je ze niet -nu- gaat gebruiken. Gratis hotelzeepjes? Joh 😉 Daar haarproduct dat toch niet was wat je hoopte: kan weg. Verlopen producten ook. En check de ingrediënten eens op de EWG Skindeep Database. Gif op je huid smeren is bijna net zo schadelijk als het opeten. Wees beducht op parfum en parabenen.

Je ‘stel dat’ rommel.

Afbeelding van Jonathan Sautter via Pixabay

We hebben net toch best wel een ‘stel dat’ scenario achter de rug hè?

Stel dat er een potentieel dodelijk virus door de wereld waart waardoor we amper boodschappen kunnen doen, wat dan?

En laten we eerlijk zijn, het virus was niet zo dodelijk maar het scenario is nog niet voorbij en kreeg recentelijk een nogal bijzondere wending.

Ik zal niet zeggen dat het geen goed idee is om voorbereid te zijn. Op wat het dan ook is dat het leven ons doet toekomen de komende tijd.
Maar dan denk ik hierbij aan een voorraad eten, een waterfilter, simpele mobiele telefoon, boeken, opgeladen batterijen, dekens, een manier om te koken zonder ‘grid’. Misschien is het nooit nodig-nodig. Maar dan beter mee verlegen dan om verlegen.

Ik heb het over de 25 borden in de keukenkastjes voor een gezin van vier.
De drie versleten dekbedhoezen in je linnenkast. (tip: investeer in een zware kwaliteit linnen)
De back up kurkentrekker. Ik snap hem maar in geval van nood zijn er andere manieren om een fles te openen. Als de nood maar hoog genoeg is 😉
De kabeltjes en snoertjes die al jaren niet meer aan enig apparaat toebehoren.
De reservestofzuiger + zakken in de kelder.
De kleding achterin je kast die knelt, opkruipt, je doet lijken op een vaatdoek…

De kans dat je die dingen met plezier gaat gebruiken, is nihil. Je bewaart die dingen uit angst voor dat er ooit niet meer genoeg is van iets maar als dat zo zou zijn, dan dragen foute kleding of haperende stofzuigers alleen maar bij aan de misère.

Als je beseft dat je prima kan leven met een garderobe met vijftien kledingstukken, je de vloer ook schoon krijgt met een dweil en je al je maaltijden kan eten uit een simpele kom, weet je dat je niets te verliezen hebt als je al die ‘stel dat’ spullen simpelweg de deur wijst.

Of je het nu bewaart uit angst voor de toekomst, uit zuinigheid, omdat je geen beslissing durft te nemen of omdat je denkt dat het ooit nog van pas komt: probeer je eens een concrete situatie voor te stellen waarin deze dingen handig zijn en vraag je af hoe waarschijnlijk dat is. Of er geen andere manier is.

Je 25 borden bijvoorbeeld. Mocht je ooit een enorm feest geven en ze nodig hebben, kan je prima wat borden van een van de gasten lenen.
Je te kleine kleding. Als je denkt dat je er weer in gaat passen, begin daar van vandaag naar toe te werken. Doe je dat niet, laat die kledingstukken je dan niet elke keer dat je je kast opent vertellen dat je er te dik voor bent. Doneer ze en koop goede spullen voor het lichaam dat je hebt. Op dit moment.
Je kapotte spullen. Als je ze nu niet repareert, ga je dat ook niet meer doen. Misschien is het niet eens te repareren. Maar ze worden ook niet op magische wijze weer heel als je ze achterin een kast stopt.

Dit zijn dingen die voor veel mensen lastig zijn om weg te doen. Vaak zijn ze nog best oké en niet zelden ongebruikt. Je hebt er geld voor betaald en nu ligt het daar maar. Maar de kans is enorm dat het er, als je er niets aan doet, over tien jaar nog ligt. En al die tijd heeft het je op een of andere manier in de weg gelegen.

Het in je kast laten liggen, is zonde. Er zijn andere mensen die het wellicht wel kunnen gebruiken. Het is een enorme opluchting om juist al die dingen waarover het lastig beslissen is, gewoon weg te doen. In het ‘ergste’ geval moet je iets opnieuw kopen en kost het je een paar tientjes want het zijn zelden waardevolle dingen. Dat weegt niet op tegen het bewaren van een grote berg ‘wat als’.

Want dat is het vaak: als je het ooit een keer nodig hebt, is er altijd een andere optie. Je kan iets anders gebruiken, je kan het lenen, tweedehands kopen of in het ‘ergste’ geval: nieuw kopen. Als je het echt nodig had, gebruikte je het al wel minstens wekelijks. Of jaarlijks, in geval van zeer seizoensgebonden spullen.

Als je al die twijfelgevallen uit je leven verwijdert, zie je de dingen helderder. Er is meer ruimte voor die dingen die je graag wil doen of veranderen. Want al die dingen, die hebben een boodschap voor je:

  • Je hebt geld verspild
  • Waarop gebruik ik dat niet?
  • Eigenlijk zou ik vaker moeten hardlopen….
  • Wat jammer dat we niet meer op skivakantie kunnen
  • Ik zou dit eigenlijk eens moeten opruimen…
  • Ik kan niet wachten tot mijn kinderen groot genoeg zijn en ik al dat plastic de deur uit kan doen
  • Waarom lust ik geen havermout en waarom heb ik er zes pakken van gehamsterd?

Als je allen om je heen hebt wat je echt nodig hebt, kan je je focussen op de belangrijke dingen. Maar omdat we dagelijks zo veel dingen om ons heen hebben die communiceren -wat nutteloze spullen dus ook doen-, hebben we minder ‘besluitvaardigheid’ over voor de dingen die er toe doen.

Onze rommel maakt ons apathisch.

Dus hop, pak een grote kartonnen doos en een vuilniszak en weg met de meuk 🙂

Kalmerend opruimen.

Er is niets dat zo goed helpt om tot rust te komen als opruimen en vooral declutteren: die dingen wegdoen die geen functie meer hebben in mijn leven. Het maakt niet uit wat er is dat me dwars zit; een rondje door het huis en alle kledingkasten, bureauladen en kastjes ontdoen van wat er zonder enige functie ruimte staat in te nemen ontspant.

Want dan besef ik wederom: het leven is goed zoals het is. Het is misschien een chaos met virussen, demonstraties en vast nog wel de nodige oorlogen hier en daar maar hier is alles onder controle 😉

Ik zie mensen zo moeilijk doen om geld, om spullen, om nog meer en nog meer ervan te verkrijgen. En dan beginnen ze zelfs tegen mij te vertellen wat ik zou moten doen om meer geld te vergaren. En waarom? Om nog meer geld te hebben voor nog meer spullen. Om als een debiel in het winkelcentrum te gaan lopen. Een vicieuze cirkel.

Als ik opruim, worden mijn gedachten minder chaotisch. Ik voel me zorgeloos als ik alleen om me heen heb wat ik nodig heb.

Als ik opruim, weet ik dat ik genoeg heb en dat ik helemaal niet naar een winkel hoef om iets te kopen dat me nog ontbreekt. Er ontbreekt namelijk niets.

En ik weet: ik hoef me niet te vergelijken met anderen. Niet met de mensen om me heen, niet met de mensen van instagram waar de meest populaire mensen niets anders doen dan een leven portretteren dat ze het liefste zouden willen leven en doen alsof ze zo zijn wakker geworden.

Dus als de zomer even te veel zomer is, werkt er niets zo heilzaam als een rondje door het huis met een vuilniszak en een mand. Op een of andere manier verdwijnen ook mijn overbodige gedachten daarmee.